Lees eerst deel 1.

1. Paulus gaat verder met het geven van voorbeelden waarom ons geloof compleet in duigen valt als er geen opstanding uit de dood bestaat. Waarom zou er dan nog iemand in levensgevaar lopen voor het evangelie? Als de doden niet tot leven komen, laten we dan nu feestvieren, want morgen zouden we er wel eens niet meer kunnen zijn!
2. Maar de doden worden wel opgewekt, dus wordt wakker en houdt op met het wandelen in zonde. Paulus schrijft dan ook: tot jullie schande moet ik schrijven dat er sommigen onder jullie zijn die God niet kennen.
3. Maar met wat voor een lichaam zullen wij dan uit de dood terugkomen? Hoe kan het dat we met onze lichamen die zwak, vatbaar voor ziekten en verderfelijk zijn, het eeuwige leven in zullen gaan? Paulus geeft hier een aantal duidelijke antwoorden op.
4. Kijk naar een graankorrel. Het is op zichzelf niet veel, maar als het op de grond valt en doodgaat kan er een hele nieuwe graankoren uit groeien. God kan dus nieuw leven uit de dood scheppen. Zo is het ook met de opstanding.
5. Ook kunnen we kijken naar de vogels om ons heen. Hun lichamen zijn anders dan die van ons, omdat die lichamen voor het leven tussen de hemel en de aarde gemaakt zijn. Onze lichamen kunnen dat (zonder technologie) niet. God kan dus verschillende soorten lichamen maken. Zo is het ook met de opstanding.
6. Ook zijn er hemelse en aardse lichamen. We hebben het hier niet over aliens, maar over de zon, sterren en bijvoorbeeld de maan. De glorie van de hemelse lichamen en de glorie van de aardse lichamen zijn verschillend. Ook is er onder de hemellichamen zelf een verschil in glorie. De ene ster schijnt niet even helder als de ander. Zo is het ook met de opstanding: Er is een natuurlijk lichaam en er is een spiritueel lichaam, met elk zijn eigen glorie.
7. Er wordt een natuurlijk lichaam geplant en er wordt een spiritueel lichaam geoogst. Eerst komt het natuurlijke en dan komt het spirituele. De eerste Adam kwam in het vlees, de tweede Adam (Christus) werd een levengevende geest.
8. Het is namelijk zo dat vlees en bloed het Koninkrijk niet kunnen beërven, maar de Geest geeft leven. Wie de Geest heeft zal wél het Koninkrijk beërven. We lijken op de eerste Adam in ons vlees, maar we zullen ook op de laatste en hemelse Adam lijken.
9. Het komt neer op het volgende: Niet iedereen zal doodgaan (er zullen Christenen leven als Jezus terug komt), maar ieder van ons zal veranderd worden. Het zal in een oogwenk gebeuren. Als de laatste bazuin klinkt zullen de doden onherroepelijk opgewekt worden. Hetgeen dood kon gaan heeft de onsterfelijkheid aangedaan.
10. Wanneer dat gebeurt is wat geschreven is werkelijkheid geworden: ‘De dood is opgeslokt in Gods grote overwinning,’ en: ‘Dood, je kunt de overwinning wel vergeten. Dood, wat voor kwaad zul je nu nog doen?’ De steek van de dood is de zonde, en de kracht van de zonde is de wet. Maar door Jezus heeft God ons de overwinning over de dood en zonde gegeven.
11. “Dus, beste vrienden, sta vast en wees onverzettelijk. Blijf actief voor de Here. U weet toch dat het werk dat u onder zijn leiding doet, niet voor niets is.”

De volgende notitie zal in zijn totaliteit een commentaar zijn over deze soms verwarrende tekst.

Dit is geen vervanging voor de bijbel! Lees de bijbel! Het is het Woord van God!