1. Paulus schrijft over de volgende dingen naar Timotheüs, opdat hij wist hoe men zich in het huis van God dienden te gedragen (Het huis van God is de gemeente van God), en zodat hij hun dit kon leren.
2. Als iemand de taak van een opziener begeert, dan begeert deze een voortreffelijke taak. Er zijn wel eisen waaraan diegene moet voldoen: Een opziener moet onberispelijk, de man van één vrouw, nuchter, bedaard, beschaafd, gastvrij, bekwaam om te onderwijzen, niet aan alcohol verslaafd, niet opvliegend, maar vriendelijk en niet strijdlustig of geldzuchtig zijn. Hij moet zijn eigen huishouden kunnen regelen, want hoe zal hij voor de gemeente zorgen als hij niet voor zijn eigen huishouden kan zorgen? Ook mag hij niet een nieuweling zijn, want dat maakt het makkelijker voor de duivel om hem te verleiden. Hij moet ook als een goede man bekend staan bij ongelovigen, opdat hij niet zwartgemaakt word.
3. Diakenen horen eerbaar, vol waarheid, de man van één vrouw en niet aan alcohol verslaafd te zijn. Niet uit op egoïstische winst, maar vol van geloof uit een schoon geweten. Mensen die diakenen willen worden moeten eerst beproefd worden, en onberispelijk blijken. Ook zij moeten hun eigen huishouden kunnen regelen.
4. De vrouwen van de opzieners en diakenen horen ook eerbaar te zijn. Geen lasteressen, maar wakker en getrouw in alles.
5. Het geheim van de godzaligheid is groot: “God is geopenbaard in het vlees, is gerechtvaardigd in den Geest, is gezien van de engelen, is gepredikt onder de heidenen, is geloofd in de wereld, is opgenomen in heerlijkheid.”

Dit is geen vervanging voor de bijbel! Lees de bijbel! Het is het Woord van God!