1. Deze brief is van Johannes aan een getrouwe christen die Gajus heet. Hij wist dat Gajus echt in waarheid wandelde omdat er christenen in de gemeente van Johannes gekomen waren die dit aan hem verteld hadden.
2. Gajus hielp vele christenen (denk aan zendelingen) en vreemdelingen met herbergzaamheid. Hij gebruikte dus de rijkdommen die God hem gegeven had om anderen te helpen. Daarom wenst Johannes hem welvaart toe, evenals zijn ziel welvarend is.
2. Johannes is vol van vreugde hierover, want hij krijgt van niks anders zoveel vreugde als wanneer zijn kinderen in de waarheid wandelen, zo schrijft hij.
3. Alles wat we voor andere christenen doen, moeten we doen op een manier die waardig is aan God. We kunnen bijvoorbeeld denken: Is dit de manier waarop ik God zou dienen?
4. De zendelingen in die tijd gingen uit om Zijn Naam te verkondigen, en namen geen herbergzaamheid of ondersteuning aan van ongelovigen. Zo gaven ze andere christenen de kans om medearbeiders te worden van de waarheid. Dit moet ook het voorbeeld zijn voor zendelingen en helpende christenen in deze dagen.
5. Johannes had ook naar de gemeente van ene Diothrephes geschreven, maar zij ontvingen hem niet. Die Diothephes was namelijk nogal vol van zichzelf, en liet niemand toe mensen van een andere gemeente te helpen. Als iemand van zijn gemeente dit wel deed, zou diegene geëxcommuniceerd worden.
6. We moeten niet dat wat slecht is volgen, maar dat wat goed is. Ieder die goed doet is van God, maar ieder die slecht doet heeft God niet gezien.

Dit is geen vervanging voor de bijbel! Lees de bijbel! Het is het Woord van God!