1. Dit is een brief van Paulus en de broeders die bij hem waren, aan de gemeente van Galatië. Hij maakt duidelijk in deze brief dat hij niet geroepen is door mensen, maar door Jezus zelf en door God de Vader, Die Hem uit de dood opgewekt heeft.
2. Jezus heeft Zichzelf gegeven voor onze zonden, opdat Hij ons uit de huidige slechte wereld zou redden, naar de Wil van Hemzelf en de Vader. Aan Hem komt de heerlijkheid tot in eeuwigheid toe.
3. Paulus staat er van versteld dat deze gemeente zo snel van degene die hen in de genade van Christus geroepen had, geweken was. Er zijn mensen binnengeslopen die hun lastigvallen en die het Evangelie verdraaien.
4. Hij zegt: als er ook maar iemand is die hen een ander Evangelie verkondigt dan hen eerst is verkondigd, laat hem vervloekt zijn. Of het nou een mens is of zelfs een engel uit de hemel.
5. Het namelijk is niet zo dat Paulus mensen tevreden wil stellen, of mensen naar de mond wil praten. Als dat zijn verlangen zou zijn, zou hij geen dienaar van Christus moeten zijn. Het Evangelie welk Paulus verkondigt is niet door mensen aan hem gegeven, maar door Jezus Christus zelf.
6. We hebben wel gehoord van het verhaal van Paulus: Van hoe toen hij nog volgens de Joodse godsdienst leefde de kerk van God vervolgde. Van hoe hij verder in de Joodse leer was dan zijn leeftijdsgenoten en dat hij fanatiek de tradities van zijn voorouders naleefde.
7. Maar God had vanaf zijn geboorte al een plan voor hem: om door Paulus Zijn Zoon te verkondigen onder de heidenen. Toen hem dit duidelijk gemaakt was overlegde hij niet eerst met andere mensen, maar vertrok hij meteen naar Arabië en keerde hij daarna naar Damascus terug.
8. Drie jaar later ging hij naar Jeruzalem om met Petrus kennis te maken en bleef hij vijftien dagen bij hem. De enige andere apostel die hij toen gezien had was Jakobus, de broer van de Here.
9. Hierna ging Paulus naar Syrië en Cilicië, terwijl de christenen in Judea niet wisten hoe hij eruit zag. Ze hadden echter wel gehoord dat hij vroeger christenen vervolgde, maar dat hij nu verkondigde wat hij vroeger kapot probeerde te maken. Zij prezen God hiervoor.

Dit is geen vervanging voor de bijbel! Lees de bijbel! Het is het Woord van God!