Nogmaals schetst deze Psalm een beeld van het contrast tussen de zonden van goddelozen en de goedheid van God. Tussen onrechtvaardigheid en rechtvaardigheid. Tussen egoïsme en liefde.

Het leert mij vooral hoe wij slaven van onszelf waren voordat de genade van God ons vrijmaakte, en hoe dankbaar we mogen zijn dat God ons een nieuw hart gegeven heeft. Ook laat het mij weer zien hoe hard de duistere wereld het licht van God nodig heeft. Wij worden immers zondig geboren. Voordat we witgewassen werden door het bloed van Jezus waren we onrechtvaardig. Misschien wel goed in onze eigen ogen, maar we waren het niet. We lieten het na om ‘verstandig en goed te handelen’ We spraken leugens en we bewandelden ‘een weg die niet goed is’.

Maar God is goed! Zijn trouw ‘reikt tot de wolken’ en Zijn rechtvaardigheid is als de bergen, vast en betrouwbaar. Hij ‘verlost mens en dier’. We mogen bij Hem schuilen en we zullen bij Hem niet tekortkomen. Bij Hem is de fontein van het leven en bij Hem is alleen maar goedheid.

Ja, het verschil tussen de natuurlijke (zondige) mens en God mag duidelijk zijn. En toch houd Hij van ons, en wel zoveel dat Hij Zijn enige Zoon voor ons gegeven heeft. Prijs de Here!

Dit is geen vervanging voor de bijbel! Lees de bijbel! Het is het Woord van God!