Als er iemand tot geloof komt in Jezus, weten wij dat deze persoon een nieuwe schepping wordt. We worden herboren. Onze oude zelf is met Christus aan het kruis gestorven, en wij leven nu in Christus omdat Hij ook weer opgestaan is.

Wat mij dan opvalt aan deze psalm is hoe verschillend het volk van God is (ik heb het over spiritueel Israel) vergeleken met de rest van de wereld. We zien een rechtvaardige koning—een man naar Gods hart—en we zien zijn vijanden. Dit zijn mensen die wandelen in hun zonden, naar de de hartstochten van het vlees. Ze hebben geen redenen om te klagen, want zoals er staat: ‘…zie, zij loeren op mijn leven; sterken willen op mij aanvallen, zonder mijn overtreding en zonder mijn zonde, Here.’ David is onschuldig, een goede koning voor Israel.

Toch stellen ze zich op rond de stad en tieren en razen ze, of zoals de engelse ESV het zo mooi zegt: ‘Each evening they come back, howling like dogs and prowling about the city. There they are, bellowing with their mouths with swords in their lips—for “who”, they think, “will hear us?”’ Ziet u hoe (in dit geval) de vijanden van David zich gedragen als wilde beesten? Het herinnert mij er aan hoe ik was voordat God mij redde, en mijn ogen opende voor mijn schijnbaar hopeloze conditie. Ja, een conditie waarmee wij allen geboren worden; genaamd zondig vlees. We hebben het van onze verste voorvader, namelijk Adam, geërfd. Als wij mensen in dit vlees blijven wandelen zijn we niet beter dan de wilde beesten in het veld, en hebben we geen ander lot dan het rechtvaardig oordeel van God, namelijk om in de zee van eeuwig brandend vuur geworpen te worden.

Dus, mijn conclusie (en hopelijk ook de uwe) is: als we enkel op onszelf aangewezen zijn, zijn we hopeloos verloren. God zij dank dat onze redding gekomen is! Jezus, de Zoon van God, heeft het perfecte leven geleden (wat wij niet leven konden), heeft de rechtvaardige wraak van God over onze zonden gedragen op het kruis (wat wij niet dragen kunnen), en is weer opgestaan op de derde dag (zodat wij met Hem zullen opstaan en zodat wij herboren kunnen worden). Als wij Hem erkennen als Heer en ons bekeren van onze zonden kunnen ook wij—terwijl wij het niet verdienen—met de rest van de heiligen zeggen: ‘…ik zal Uw sterkte zingen, en des morgens Uw goedertierenheid vrolijk roemen, omdat Gij mij een Hoog Vertrek zijt geweest, en een Toevlucht ten dage, als mij bange was. Van U, o mijn Sterkte! zal ik psalmzingen; want God is mijn Hoog Vertrek, de God mijner goedertierenheid.’

Dit is geen vervanging voor de bijbel! Lees de bijbel! Het is het Woord van God!