We gaan nog even door in het thema van de vorige psalm, namelijk betrouwbaarheid en vertrouwen. Als we naar de structuur kijken lijkt deze psalm opgebouwd te zijn uit twee delen. Een beschrijvend deel (over Davids situatie), en een gebiedend deel. 

‘Waarlijk, mijn ziel keert zich stil tot God, van Hem is mijn heil, mijn burcht, ik zal niet te zeer wankelen’ Het laat zien dat God Davids schuilplaats en zekerheid is. Zelfs wanneer hij omringd is met zijn vijanden die hem haten—al proberen ze dat te verbergen—heeft David het vertrouwen dat God rechtvaardigheid zal laten geschieden. ‘Gij allen zult omvergestoten worden als een hellende wand, een neerstortende muur.’

Nu richt David zich tot het volk: ‘Vertrouwt op Hem te aller tijde, o volk, stort uw hart uit voor zijn aangezicht’ Nogmaals laat hij weten dat God onze schuilplaats is, en hij geeft daar ook een redenering voor. Ik denk dat de Basisbijbel het goed vertaalt: ‘De gewone mensen hebben niets te betekenen. De belangrijke mensen stellen niets voor. Als God hen beoordeelt, schieten ze allemaal tekort. In Gods weegschaal wegen ze nog minder dan een zucht.’ We hebben niets te vrezen van andere mensen, omdat onze God groter is dan hen. Hij is rechtvaardig, en Hij zal oordelen. Ieder zal de straf krijgen die hij verdient, en door geloof in Jezus wordt bepaald of we zelf die straf moeten dragen, of dat onze Redder dat al voor ons gedaan heeft. 

De psalm eindigt met een aantal duidelijke exhortaties voor de mensen die luisteren naar deze psalm. ‘Vertrouw niet op geweld. Verwacht niets van diefstal.’ en zoals de Statenvertaling duidelijk maakt: ‘wordt niet ijdel, als het vermogen aanwast, en zet het hart er niet op.’ God is onze kracht en onze zekerheid, juist omdat Hij eeuwig, betrouwbaar en rechtvaardig is. Rijkdommen zullen vergaan, de geweldenaar en dief zullen veroordeeld worden, maar wie op God vertrouwt heeft een eeuwige zekerheid.

Dit is geen vervanging voor de bijbel! Lees de bijbel! Het is het Woord van God!